Het woord ’geloven’ heeft een beladen betekenis voor veel mensen die zich aangetrokken voelen tot het Boeddhisme en vormen van hedendaagse spiritualiteit. Voor hen ligt de aantrekkingskracht vaak juist in het feit dat we niets hoeven te geloven, maar dat het gaat over de eigen ervaring en de wijze waarop je die vormt geeft en tot leven brengt.
Die afkeer van geloven heeft een historische achtergrond: velen hebben gezien of zelf meegemaakt welke ellende ’het geloof’ kan aanrichten. Hoe dwingend en vernietigend het kan zijn als het je wordt opgedrongen als een soort van onbetwistbare waarheid. En we zien nog dagelijks de gevolgen ervan als mensen zó vast overtuigd zijn van hun geloof dat ze menen de wereld of de ander te moeten veranderen. Soms met geweld zelfs, mentaal of fysiek.
Dit dogmatisch geloof betreft niet alleen religies, maar eigenlijk elk absoluut geloof in wat dan ook.
Dus ook het heilige geloof in atheïsme of ’alleen maar wetenschap’.
Kortom: er zijn vele soorten van geloof. Zolang we helder en open kunnen blijven kijken en denken, is er geen probleem. Voorzover dit geloof open blijft voor vragen en verwondering en niet dichtslibt onder het eigen gelijk, is er niets aan hand en kun je waarschijnlijk respect opbrengen voor hen die er een ander geloof op na houden.
Geloof biedt ook een bedding, geeft structuur en houvast in een wereld op drift.
En op een of andere manier geloven we allemaal wel in iets.
Kijk naar de discussie die nu gaande is rond Covid 19: het lijkt soms meer een strijd tussen ’geloven’ dan een uitwisseling van heldere inzichten.
Ik dwaal af. Het punt wat ik wil maken is dit: er is niks mis is met geloof.
Sterker: we hebben het nodig om tot iets te komen.
Ooit ben ik begonnen met Zen omdat ik geloofde in de teksten en de leefwereld die me voorgespiegeld werden.
Ik ervoer iets van: dit klopt, dit is waar. Dat was eerder een intuïtie, een geraakt worden, dan dat ik meteen iets wist. En omdat ik het nog niet zelf ervaren had, moest ik het in eerste instantie maar aannemen om dat voor mezelf te gaan uitzoeken.
Ik had een zekere mate van geloof nodig in deze weg, anders zou ik nooit op pad zijn gegaan. Wat me wel hielp was dat er ruimte was om dit voor mezelf uit te zoeken en dat ik niet van alles en nog wat hoefde te geloven.
Maar er ontstond ontegenzeggelijk een geloof in mij dat me op weg zette. Tegelijk heb ik onbewust altijd de houding aangehouden van ’eerst zien dan geloven’. Maar het zou zomaar kunnen dat die houding me ook in de weg heeft gestaan. En langzamerhand neig ik meer naar: eerst geloven, dan zien.
Ten eerste omdat dit is wat er feitelijk gebeurd is en ik dat moet erkennen.
En ten tweede omdat ’eerst zien dan geloven’ je weliswaar kritisch houdt, maar tegelijk ook de openheid en ’beginners mind’ – zo gekoesterd in Zen – in de weg kan staan. Waardoor het je juist afhoudt van een ervaren op een een ander dieper niveau dan alleen het rationele instrumentele bewustzijn.
Want dat wil alleen maar iets echt geloven als het zichtbaar is.
Geloof verzet bergen luidt het spreekwoord. Hoe sterker je geloof, hoe meer berg je aankunt. Wellicht.
Maar het is belangrijk om je vizier open te houden en te zien dat geloof altijd subjectief is en in die zin geen objectieve waarheid dekt. Deze Weg gaan en onderzoeken is eerste-persoon-enkelvoud-werk, zoals mij door mijn leraar altijd is voorgehouden
Je kunt het wel delen en er met anderen over spreken, in de wetenschap dat het een persoonlijke en intieme zaak betreft. Het zit erg dichtbij. Vandaar dat we er zo emotioneel over kunnen worden en anderen dan willen overtuigen. Soms uit mededogen – ik gun je dit inzicht – maar al te vaak ook uit je gelijk willen hebben en ondersteuning zoeken vanuit je eigen onzekerheid.
Omdat er nou eenmaal geen objectieve zekerheid aan te ontlenen is op dit gebied.
Zelfs fervente ‘gelovers’ in de hemel kunnen op hun sterfbed nog in grote twijfel en angst terecht komen. En aan de andere kant heb je fanatieke niet-gelovers die zich op hun sterfbed – voor alle zekerheid – toch nog bekeren. Wellicht niet zozeer uit lafheid zoals wel eens gezegd wordt, maar omdat je het uiteindelijk toch niet zeker weet…blijkbaar.
Het lijkt me de moeite waard om te zien welke rol geloof speelt in ons leven en op onze Zenweg. Meestal spreken we liever en makkelijker over ’vertrouwen’, maar dat is iets dat uiteindelijk moet ontstaan en groeien. Tot die tijd kan een eerlijk en vooral open geloof je helpen om je weg te gaan, zolang je ervaring je nog niet het volle vertrouwen heeft gegeven. Ik zou zeggen: laten we niet moeilijk doen over of bang zijn voor het woord geloof.

