Nou ja, die suggestie wordt wel aan alle kanten gewekt. Een paar frasen die ik zo tegenkom:
‘Chillmodus: met déze tips ben jij dit weekend helemaal zen!’ Of deze:
‘Yes, you Zen: met deze 9 tips ben je meteen in zenmodus.‘
De term Zen vervlakt steeds vaker tot een aanduiding van lekker chillen, ontspannen, cool….
Lekker Zen in de sauna of op Bali in een resort. Altijd geassocieerd met super rustig, lekker ontspannen en gelijkmoedig met een soort onverstoorbaarheid waarin we emotioneel niet uit balans zijn te krijgen.
Op zich is dit ook niet persé onwaar en komt het ook in die zin ook niet uit de lucht vallen.
Deze begerenswaardige staat van zijn is niet vreemd aan Zen, maar wordt wel veel te ideaal en te makkelijk voorgesteld. En wat wordt vergeten is dat er wel degelijk een behoorlijke inspanning en regelmatige beoefening tegenover staan om tot deze ‘Chill-staat van zijn’ te komen; en dan ook nog enigszins bij je te kunnen houden.
Want zenmensen en andere Boeddhisten hebben net als iedereen te maken met hun menselijke gevoeligheden, emotionele hangups en conditioneringen. Ook Boeddha was tenslotte een mens en net als iedereen onderhevig aan de noden en het lijden in de wereld. Het punt waarom alles draait is hoe we daarmee omgaan. Niet wát, maar hóe telt.
Zenmeditatie is een vorm van ‘werken’ om te komen tot een helder zien en erkennen van de condities en de werkelijkheden waarmee we te maken hebben. En: een radicale aanvaarding daarvan!
Altijd lees en hoor je weer dat dit zou leiden tot passiviteit en nihilisme.
Dit is een wijdverbreid misverstand en wordt ook in gehand gewerkt juíst door dit idee van chillen. Dat wordt natuurlijk al snel geassocieerd met een vlucht, een escape uit die wereld. Niet onbegrijpelijk.
Maar deze aanvaarding is nooit passief en mondt ook niet uit in fatalisme of slachtofferschap. Integendeel: ze is actief en geeft een bereidheid om de situatie zo volledig mogelijk aan te gaan; zonder erin ten onder te gaan en zonder er vandaan te willen vluchten.
Gesterkt door een zo realistisch mogelijke helderheid en een daaruit voortspruitende daadkracht, zijn we beter in staat om te doen wat ons te doen staat. Of wellicht juist niét te doen. Soms is niet-doen wijzer dan wel doen.
De essentie en kracht van zenmeditatie liggen in het feit dat we even – voor de tijd dat we zitten – niets doen. In het stille zitten op je kussentje, bankje of stoel ontstaat een vorm van aanwezig zijn in wat er nu gaande is. Zonder gehoor te geven aan de wens of drang meteen iets te veranderen of te verbeteren.
Want dit zijn nu juist de mechanismen die in ons ’gewone’ leven ons voortdurend zo voortdrijven en het zo moeilijk maken om tot rust, stilte en helderheid te komen. Geen wonder dat we zo graag willen chillen.
Zen gaat niet persé over rustig worden, over chillen of relaxen, maar over het komen tot helderheid over wat en hoe het is en wat ik daarin kan, wil of zelfs moét doen. Geen vlucht uít, maar present zijn ín de wereld. Enigermate op adem en tot rust komen is daarbij uiteraard wel behulpzaam, dat wel.
Maar rust is dan een voorwaarde, geen doel op zich.
Interessant genoeg kan écht contact met de realiteit – zelfs als die pijnlijk of moeilijk is – ons innerlijke rust en aanvaarding geven. En van daaruit volgt bijna altijd – als vanzelf lijkt het dan – een respons, die veelal heilzamer is dan onze emotionele geconditioneerde reacties .
De kracht van zenmeditatie ligt in het feit dat we al die zenuwachtige bewegingen om de dingen naar onze hand te zetten, even niét doen.
En telkens als we dat – onvermijdelijk bijna – tóch doen, keren we terug naar dat punt van niet-doen, naar lichaam en adem.
In dat stille zitten is dat redelijk goed te doen. Lichaam en adem brengen ons vrij moeiteloos terug naar de plek, de werkelijkheid, waar ik nu zit.
Dat gaat niet vanzelf, maar ook weer wel. Het enige wat je te doen staat is: het te doén. Daar ligt meestal de grootste hobbel, want dan ‘moeten’ we aan het werk. En we chillen liever. Liefst met een wijntje of biertje, bitterballetje…..
Wie kent dit niet?
Maar als zelfs dát niet meer werkt, kan dat stille zitten en even niet-doen, heilzaam zijn. Want eenmaal gewoon ‘alleen maar’ zittend op je krent, kun je soms ervaren hoe prettig het kan zijn om even uit de modus van ’ik wil, moet, zou…’ te komen; om vrij te komen van de dwingelandij van dat ik.
Even vakantie van onszelf zeggen we dan. En daarvoor hoef je niet eens naar Bali of waar dan ook, want die plek is dan precies waar je nú bent.
Probeer maar eens uit. En als het in je eentje niet lukt, doe dan eens een cursus onder begeleiding van een ervaren leraar op dit gebied.
Dat helpt en is zeker aan te raden.
Het goud zit in ons, maar we zoeken het altijd maar weer buiten onszelf.
PS. Ik las toevallig gisteravond een uitspraak van de Nederlandse schrijver Marcel Möhring in een van zijn columns uit de Groene Amsterdammer: ‘Er is altijd wel een reden om je niet geestelijk in te spannen’.
______________________________________
Vanaf 25 januari geven we weer een introductiecursus in Zentrum
